ECLI:NL:RBDHA:2022:7967
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij niet-ontvankelijkheid verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij besluit van 20 april 2022 niet-ontvankelijk is verklaard. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening gelijktijdig met het beroep behandeld op 12 mei 2022. Verzoeker was aanwezig met een gemachtigde en tolk, terwijl de verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Gezien de uitspraak op het beroep in zaaknummer NL22.7289, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.R. Houweling en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is beslist.