Eiser, voormalig eigenaar van een camping, diende een handhavingsverzoek in bij verweerder over vermeende overtredingen van de AVG door het RIEC. Verweerder beperkte het verzoek tot de afhandeling van een inzageverzoek en nam daarop een besluit. Eiser stelde dat het verzoek breder was en dat verweerder een onderzoek naar structurele AVG-overtredingen moest instellen.
Eiser stelde beroep in tegen het bestreden besluit, maar verweerder wees het bezwaar gedeeltelijk toe. Tijdens de procedure diende eiser een nieuw handhavingsverzoek in waarop verweerder op 22 juli 2021 besliste. Dit besluit betrof dezelfde punten als in het beroep en is niet bestreden door eiser.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen actueel en reëel belang meer heeft bij de behandeling van het beroep, omdat het nieuwe besluit al voorziet in hetgeen eiser nastreeft. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.