Uitspraak
[verdachte] ,
Het onderzoek ter terechtzitting
De tenlastelegging
Aard van de zaak
Overwegingen omtrent het bewijs
Kamerstukken II2001-2002, 27 745, nr. 6, p. 22;
Kamerstukken II2001-2002, 27 745, nr. 35, p. 1721-1722;
Stb. 2002, 388).
De inhoud van het strafdossier geeft onvoldoende aanleiding om te oordelen dat sprake is geweest van een staat van verminderd bewustzijn in de hierboven bedoelde zin. Aangeefster heeft bij de politie de seksuele handelingen van de verdachte namelijk gedetailleerd omschreven. Zo heeft zij kunnen omschrijven wat de verdachte bij haar deed. Ook het gegeven dat aangeefster alcohol had gedronken (naar eigen zeggen in totaal 5 tot 7 glazen wodka en 2 tot 3 biertjes) maakt in dit geval niet zonder meer dat zij een verminderd bewustzijn had. Aangeefster heeft namelijk zelf verklaard dat zij een beetje aangeschoten was, maar wel nog ‘normaal’ was. Ze wist nog goed wat ze allemaal deed.