ECLI:NL:RBDHA:2022:8220
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroeg ingesteld tegen niet tijdig beslissen TOZO-aanvraag
Eiseres heeft op 14 april 2020 een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO). De gemeente Rotterdam, namens verweerder, heeft de aanvraag op 11 mei 2020 afgewezen omdat eiseres niet voldeed aan de voorwaarden, met name omdat zij door de Belastingdienst als werknemer werd gezien en geen zelfstandig beroep uitoefende.
Eiseres heeft op 13 juli 2020 verweerder schriftelijk in gebreke gesteld wegens het uitblijven van een besluit en is diezelfde dag in beroep gekomen tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank heeft geoordeeld dat het beroep te vroeg was ingesteld omdat niet was gewacht tot twee weken na de ingebrekestelling, zoals vereist in artikel 6:12 Awb Pro.
Daarnaast heeft de rechtbank onderzocht of de mandatering van de gemeente Rotterdam om namens Leiden te beslissen rechtsgeldig was. De rechtbank concludeerde dat het mandaatbesluit correct was gepubliceerd en dat de ondertekening door de concerndirecteur Werk & Inkomen van Rotterdam rechtsgeldig was, zodat geen sprake was van een bevoegdheidsgebrek.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter D.R. van der Meer op 17 augustus 2022.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het te vroeg is ingesteld.