ECLI:NL:RBDHA:2022:8527
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak schuld verkeersincident en veroordeling voor gevaarzetting met letsel
Op 4 december 2019 reed de verdachte met een bedrijfsauto met aanhangwagen over de Boommarkt in Leiden. De lading was niet volledig vastgezet, waardoor een deel ervan viel toen een fietser passeerde. De fietser liep ernstig letsel op, waaronder een dwarslaesie.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte niet schuldig was aan het primair ten laste gelegde verkeersongeval wegens onvoldoende bewijs van aanmerkelijke onvoorzichtigheid zoals vereist onder artikel 6 WVW Pro 1994. Wel werd vastgesteld dat de verdachte de lading niet deugdelijk had bevestigd, wat concreet gevaar op de weg veroorzaakte, en daarmee strafbaar was onder artikel 5 WVW Pro 1994.
De officier van justitie vorderde een taakstraf of hechtenis, maar de rechtbank hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, het ontbreken van recidive en het feit dat het rijbewijs beroepsmatig nodig is. Daarom werd een geldboete van €1.000 opgelegd. De verdachte werd vrijgesproken van het primair ten laste gelegde en veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde gevaarzetten.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van schuld aan verkeersongeval en veroordeeld voor gevaarzetting met een geldboete van €1.000.