ECLI:NL:RBDHA:2022:9120
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas over bedreiging door mafiabende
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens bedreiging door een mafiabende vanwege de drugshandel van zijn broer. Hij stelde dat hij uit Algerije was vertrokken omdat hij zelf ook werd bedreigd. Verweerder wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het relaas, met name vanwege het verblijf van eiser in Spanje en Frankrijk zonder asiel aan te vragen en het ontbreken van concrete details over de bedreigers.
De rechtbank behandelde het beroep op 13 januari 2022, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen. De rechtbank oordeelde dat het verblijf in andere lidstaten relevant is voor de geloofwaardigheid en dat eiser had moeten aantonen waarom hij daar geen asiel heeft aangevraagd. Daarnaast vond de rechtbank het ongeloofwaardig dat eiser niet kon aangeven wie hem bedreigde, ondanks zijn bewering dat dit al sinds 2019 speelde.
Ook de verklaringen over zijn gevangenschap en voorwaardelijke invrijheidsstelling werden als tegenstrijdig en onvoldoende onderbouwd beoordeeld, mede omdat eiser geen documenten heeft overgelegd. De rechtbank concludeerde dat eiser niet voldoet aan de voorwaarden voor toelating op grond van de Vreemdelingenwet 2000 en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen wegens ongeloofwaardig relaas.