ECLI:NL:RBDHA:2022:9550
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening tegen voortzetting schorsing commandant Koninklijke Militaire Academie afgewezen
De commandant van de Koninklijke Militaire Academie heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 19 juli 2022 waarbij zijn schorsing werd voortgezet. Hij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen om de schorsing te schorsen, omdat hij door de schorsing zijn opleiding niet optimaal kan volgen.
De voorzieningenrechter overwoog dat er weliswaar sprake was van een misverstand bij de KMA dat inmiddels was verholpen, en dat de verzoeker toegang had tot een klas en digitale leeromgeving. De colleges konden niet online gevolgd worden, maar PowerPointpresentaties waren beschikbaar en studieboeken werden geleverd. De verzoeker erkende dat de situatie verbeterd was, maar stelde dat dit niet voldoende was om optimaal onderwijs te volgen en dat studievertraging mogelijk was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er onvoldoende spoedeisend belang was voor het treffen van een voorlopige voorziening, mede omdat het niet vaststond dat studievertraging zou optreden en omdat eventuele studievertraging achteraf gecompenseerd kon worden. Daarom werd het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en de door verweerder toegezonden stukken werden teruggezonden.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op 23 september 2022 door voorzieningenrechter M.D. Gunster, in aanwezigheid van griffier A. Badermann. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de voortzetting van de schorsing is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan spoedeisend belang.