ECLI:NL:RBDHA:2022:969

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 februari 2022
Publicatiedatum
11 februari 2022
Zaaknummer
NL21.17047
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening in bezwaar tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel

Verzoekster, van Guinese nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag werd bij besluit van 25 oktober 2021 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening op 13 januari 2022, samen met de hoofdzaak (zaaknummer NL21.17046). Tijdens de zitting was verzoekster aanwezig met haar gemachtigde en een tolk. De gemachtigde van de staatssecretaris was eveneens aanwezig.

De voorzieningenrechter oordeelde dat nu de hoofdzaak reeds is behandeld en uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL21.17047
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoekster V-nummer: [nummer]

mede ten behoeve van haar minderjarige kinderen:
[naam2],
V-nummer: [nummer2] en
[naam3],
V-nummer [nummer3], (gemachtigde: mr. M.S. Yap),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J.M.M. van Gils).

Procesverloop

Bij besluit van 25 oktober 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL21.17046, op 13 januari 2022 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde.
Als tolk is verschenen E. Spruit. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Verzoekster stelt van Guinese nationaliteit te zijn en te zijn geboren op 29 april 1992.
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL21.17046, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.E. van de Merbel, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:

Documentcode: DSR19161046

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.