Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Zuid-Soedanese nationaliteit dragende vreemdeling, maakt bezwaar tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 26 juli 2022 door verweerder is opgelegd op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet. De rechtbank heeft eerder geoordeeld dat de maatregel rechtmatig was tot het moment van het sluiten van het onderzoek in een eerdere procedure.
In deze procedure staat alleen de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel na dat moment ter beoordeling. Eiser stelt dat een lichter middel volstaat en dat hij akkoord is met overdracht aan België, waardoor geen risico op onttrekking meer zou bestaan. De rechtbank oordeelt echter dat het significante risico op onttrekking niet is komen te vervallen, mede omdat eiser in het vertrekgesprek aangaf liever in Nederland te blijven vanwege medische klachten en twijfels over de zorg in België.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.