ECLI:NL:RBDHA:2022:9855
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging machtiging tot uithuisplaatsing van minderjarige wegens onveilige thuissituatie
De zaak betreft een verzoek tot verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige die in een logeerhuis verblijft. De kinderrechter heeft vastgesteld dat ondanks de wens van de ouders en de minderjarige om terug te keren naar huis, de thuissituatie onveilig is en de ouders onvoldoende in staat zijn om een veilige en gestructureerde opvoedomgeving te bieden.
De minderjarige vertoont destructief gedrag, loopt regelmatig weg en is betrokken geweest bij een ernstig incident waarbij zij seksueel is misbruikt. Ondanks aangescherpte veiligheidsafspraken blijft zij risico's lopen. De ouders hebben moeite met het stellen van grenzen en het handhaven van gezag. De gecertificeerde instelling benadrukt de noodzaak van continuering van de uithuisplaatsing.
De kinderrechter erkent de wens tot thuisplaatsing, maar acht het belang van de veiligheid en stabiliteit van de minderjarige zwaarder. Er is een sterke behoefte aan duidelijkheid over het opvoedperspectief, maar de kinderrechter heeft geen bevoegdheid om hierover een besluit te nemen. Daarom wordt de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot het einde van de ondertoezichtstelling.
Uitkomst: De machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt verlengd tot 21 februari 2023.