ECLI:NL:RBDHA:2023:10074
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser diende op 2 oktober 2021 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder legde op 29 november 2021 een Dublinclaim neer bij de Poolse autoriteiten, die op 8 december 2021 werd geaccepteerd, waardoor Polen verantwoordelijk werd voor de asielprocedure.
Op 4 mei 2022 besloot verweerder de aanvraag alsnog in de Nederlandse nationale procedure te behandelen, waardoor de Dublinprocedure kwam te vervallen. Vanaf die datum startte de beslistermijn van zes maanden. Eiser stelde verweerder op 17 juli 2022 schriftelijk in gebreke om binnen twee weken alsnog te beslissen.
De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was omdat de beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarden om beroep in te stellen tegen het niet tijdig beslissen. Het beroep wordt daarom kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens een prematuur ingediende ingebrekestelling.