ECLI:NL:RBDHA:2023:10108
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke handhaving en puntentoekenning bij schending pulstoestemming pulskorvisserij
Eiseres exploiteerde een vissersvaartuig met pulskorinstallaties en beschikte over een pulstoestemming voor het vaartuig KW-5. Met ingang van 14 augustus 2019 werd pulsvissen in de EU verboden, maar een overgangsperiode tot 1 juli 2021 stond beperkt pulsvissen toe, onder voorwaarden waaronder niet meer dan 5% van de boomkottervloot tegelijk mocht vissen. Verweerder wijzigde de voorschriften en stelde een verdeelschema vast waarin eiseres in juni 2021 niet mocht pulsvissen.
Eiseres viste toch met pulskor in de verboden periode, waarop verweerder een last onder dwangsom oplegde en punten toekende wegens ernstige inbreuken op het Gemeenschappelijk Visserij Beleid. Eisers voerden aan dat de wijziging van de pulstoestemming geen rechtsgrond had, dat zij niet in overtreding waren omdat zij vaardagen van andere schepen mochten gebruiken bij niet-voorziene omstandigheden, en dat het puntensysteem een punitieve sanctie is die niet mag worden toegepast.
De rechtbank oordeelt dat de wijziging van de pulstoestemming rechtsgrond heeft in artikel 53 van Pro de Uitvoeringsregeling en het Reglement zee- en kustvisserij. Het verdeelschema is zorgvuldig tot stand gekomen. Eisers hebben de voorwaarden geschonden door in de stilligweken te vissen zonder toestemming van verweerder, die bevoegd is om toestemming te weigeren bij afwezigheid van niet-voorziene omstandigheden. De last onder dwangsom was noodzakelijk en niet onevenredig. De puntentoekenning is geen punitieve sanctie maar een administratieve maatregel ter naleving van het beleid.
De beroepen worden ongegrond verklaard, waardoor de last onder dwangsom en de puntentoekenning in stand blijven. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen de last onder dwangsom en puntentoekenning wegens schending pulstoestemming worden ongegrond verklaard.