ECLI:NL:RBDHA:2023:10117
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter heeft besloten geen zitting te houden omdat dit niet noodzakelijk was. Volgens artikel 8:83 lid 3 Awb Pro kan de voorzieningenrechter zonder zitting uitspraak doen indien het verzoek kennelijk onbevoegd, niet-ontvankelijk, ongegrond of gegrond is.
De kern van de zaak is dat verzoeker het griffierecht van €184,- niet heeft voldaan, ondanks een aangetekende aanmaning van de rechtbank. Verzoeker heeft geen geldige reden opgegeven voor het niet betalen van het griffierecht. Hierdoor is het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk en wordt het niet inhoudelijk behandeld.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter B. Fijnheer en griffier I.J. Tiktak op 16 januari 2023. Verzoeker wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen zes weken een verzetschrift in te dienen tegen deze beslissing.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.