De rechtbank Den Haag heeft op 14 juni 2023 een beschikking gegeven waarbij twee minderjarigen onder toezicht worden gesteld voor de duur van een jaar. Dit besluit volgt op een verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming vanwege zorgen over een onveilige en instabiele opvoedsituatie.
De moeder kampte met overmatig alcoholgebruik waardoor zij onvoldoende draagkracht had om voor de kinderen te zorgen. De vader is betrokken maar woont deels in Turkije met een ander gezin, waardoor hij niet altijd aanwezig is. Eén minderjarige verblijft tijdelijk bij een jeugdhulpaanbieder vanwege zorgen over haar seksuele ontwikkeling en agressie, terwijl de andere weer bij de moeder woont.
De kinderrechter acht de ondertoezichtstelling noodzakelijk om de ontwikkeling van de kinderen te waarborgen en verleent een machtiging tot uithuisplaatsing van de kwetsbare minderjarige voor negen maanden. Dit geeft ruimte voor behandeling en stabilisatie voordat terugplaatsing kan worden overwogen.
De ouders zijn betrokken maar wisselend in het accepteren van hulpverlening. De moeder is gestopt met overmatig alcoholgebruik en volgt behandeling. De rechter benadrukt het belang van het monitoren van de voortgang en het uitbreiden van contact tussen de minderjarige en haar ouders.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en kan binnen drie maanden worden aangevochten bij het gerechtshof Den Haag.