ECLI:NL:RBDHA:2023:10522
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalië wegens ongeloofwaardigheid en ontbreken uitzonderlijke situatie
Eiser, een Somalische nationaliteit dragende man, verzocht om asiel in Nederland wegens bedreiging door de terroristische groepering Al-Shabaab. Hij stelde dat hij door Al-Shabaab werd ontvoerd en vastgehouden op verdenking van spionage, waarna hij vluchtte. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat hij het relaas over de gevangenhouding en de dreiging niet geloofwaardig achtte. De rechtbank bevestigt dit oordeel, onder meer vanwege tegenstrijdigheden en summiere verklaringen van eiser.
Daarnaast stelde eiser dat de situatie in Mogadishu zodanig verslechterd is dat sprake is van een uitzonderlijke situatie die bescherming rechtvaardigt. De rechtbank toetste dit aan het Algemeen Ambtsbericht Somalië juni 2023 en concludeerde dat hoewel het aantal aanslagen is toegenomen, deze niet gericht zijn op willekeurige burgers en de situatie niet voldoet aan de hoge drempel van artikel 29 Vreemdelingenwet Pro 2000.
Tot slot oordeelde de rechtbank dat de aanvraag kennelijk ongegrond mocht worden verklaard omdat eiser zich niet onverwijld heeft gemeld na binnenkomst in Nederland. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van connexiteit.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.