Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 mei 2023 in de zaak tussen
Inleiding
16 september 2021 is afgewezen.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft een WW-uitkering aangevraagd na beëindiging van zijn oproepcontract, maar de aanvraag werd afgewezen omdat hij niet voldeed aan de weken-eis van 26 gewerkte weken in de 36 weken voorafgaand aan zijn eerste werkloosheidsdag. Eiser stelde dat hij wel aan deze eis voldeed en dat de weken waarin hij ziek was onder de Ziektewet meegeteld moesten worden, maar hij kon dit niet onderbouwen met bewijs.
De rechtbank bevestigde dat de referteperiode correct was vastgesteld en dat er geen aanwijzingen waren voor ziekte of arbeidsongeschiktheid die de referteperiode verlengen. Ook het betoog dat persoonlijke omstandigheden meegewogen moesten worden faalde omdat artikel 17a WW restrictief wordt uitgelegd en geen ruimte laat voor dergelijke overwegingen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het terugvorderen van griffierecht en vergoeding van proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door rechter R.H. Smits en griffier S.R. Veili op 16 mei 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn WW-uitkering wordt ongegrond verklaard.