ECLI:NL:RBDHA:2023:10673
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht bij aanvraag verblijfsvergunning
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn bezwaar tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk te verklaren.
De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Volgens artikel 8:41 Awb Pro moet griffierecht worden betaald om het beroep ontvankelijk te laten zijn. Eiser is per aangetekende brief herinnerd aan de betaling van het griffierecht van €184, met een betalingstermijn van vier weken.
De herinnering en nota zijn verstuurd naar het door eiser opgegeven adres, maar deze zijn onbestelbaar retour gekomen. De rechtbank constateert dat het griffierecht niet is betaald binnen de gestelde termijn en dat hiervoor geen gegronde reden is gegeven. Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenverdeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht binnen de gestelde termijn.