Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Afghaanse nationaliteit dragende persoon, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 2 mei 2023 door verweerder is opgelegd op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde dat de maatregel onrechtmatig voortduurt sinds zijn asielaanvraag van 28 juni 2023 en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank stelde vast dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het eerdere onderzoek op 10 mei 2023 rechtmatig was. De vraag was of de maatregel daarna nog steeds rechtmatig was. Hoewel eiser een asielaanvraag had ingediend, was de Dublinverordening van toepassing en bestond er een fictief claimakkoord met Kroatië, waardoor de maatregel voortgezet mocht worden.
Eiser voerde aan dat vanwege zijn medische en psychische klachten een lichter middel had moeten worden toegepast, en dat het detentiecentrum in Rotterdam geen speciale inrichting voor bewaring zou zijn. De rechtbank oordeelde dat eiser zijn gewijzigde medische omstandigheden onvoldoende had onderbouwd en dat het enkel indienen van een asielaanvraag geen reden is voor een lichter middel. Het detentiecentrum werd als speciale inrichting aangemerkt en er was geen aanleiding de plaats of wijze van tenuitvoerlegging te wijzigen.
De rechtbank concludeerde dat het voortduren van de maatregel rechtmatig was en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.