Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, maakte bezwaar tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 17 april 2023 door verweerder is opgelegd. De rechtbank had deze maatregel al eerder rechtmatig bevonden tot 24 mei 2023 en beoordeelt nu alleen de rechtmatigheid vanaf dat moment.
Eiser stelde dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde, onder meer vanwege het uitblijven van een presentatie bij de Marokkaanse autoriteiten en het ontbreken van natte vingerafdrukken. De rechtbank stelde vast dat het afgeven van natte vingerafdrukken noodzakelijk is voor het identiteitsonderzoek en de afgifte van een laissez-passer (LP). Eiser weigerde deze af te geven, waardoor hij zelf verantwoordelijk is voor de vertraging.
Verweerder heeft meerdere keren schriftelijk bij de Marokkaanse autoriteiten gerappelleerd en gesprekken met eiser gevoerd. Ook is op 5 juli 2023 een gesprek gevoerd met de Marokkaanse ambassadeur om de uitzetting te bespoedigen. De rechtbank vond geen aanleiding om te oordelen dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde.
De verwijzing van eiser naar een nieuwsbericht over het geringe aantal afgegeven LP’s bood geen concrete aanwijzingen dat in zijn specifieke geval geen zicht op uitzetting is. De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.