ECLI:NL:RBDHA:2023:11099
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet tijdig besluit mvv-aanvraag nareis gezinshereniging met dwangsom opgelegd
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor nareis van haar minderjarige kinderen. De staatssecretaris had de beslistermijn van 90 dagen met drie maanden verlengd, maar had uiterlijk 8 mei 2023 moeten beslissen. Deze termijn is verstreken zonder besluit.
Eiseres stelde de staatssecretaris rechtsgeldig in gebreke op 17 mei 2023 en diende op 7 juni 2023 het beroep in, wat tijdig werd geacht. De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is en dat sprake is van een bijzonder geval vanwege de aard van de aanvraag gezinshereniging bij een houder van een asielvergunning.
De rechtbank legt op grond van artikel 8:55d Awb een termijn van twintig weken na verzending van de uitspraak op waarbinnen de staatssecretaris alsnog een besluit moet nemen. Voor elke dag overschrijding wordt een dwangsom van €100 opgelegd, met een maximum van €7.500. Daarnaast wordt de reeds verbeurde bestuurlijke dwangsom van €1.442 aan eiseres toegekend. De staatssecretaris wordt ook veroordeeld in de proceskosten van €418,50.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, legt een termijn van twintig weken op voor besluitvorming en legt dwangsommen aan de staatssecretaris op.