Eiseres heeft op 16 mei 2022 een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. Na het uitblijven van een tijdige beslissing stelde zij de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid in gebreke en diende vervolgens beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de beslistermijn van 90 dagen, met een verlenging van drie maanden, is verstreken zonder dat verweerder een besluit heeft genomen. Verweerder heeft geen verweerschrift ingediend en geen bijzondere omstandigheden aangevoerd.
De rechtbank draagt verweerder op binnen acht weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens legt zij een dwangsom op van €100 per dag bij overschrijding, met een maximum van €7.500. De reeds verbeurde dwangsom wordt vastgesteld op €1.442. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres ad €418,50.