Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 juni 2023 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats], eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
[naam 3].
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag BPM van €16.071, verminderd tot €15.052, opgelegd door verweerder voor een uit de Verenigde Staten geïmporteerde Audi SQ5 3.0 SUV zonder Europese typegoedkeuring. De discussie betrof de juiste CO2-uitstoot en de waardevermindering door ex-schade.
Eiseres stelde dat de CO2-uitstoot ten onrechte was vastgesteld op 289 gr/km via de Scandinavische rekenmethode en dat een lagere uitstoot van 189 gr/km, gebaseerd op referentievoertuigen, had moeten gelden. Tevens vond zij dat geen rekening was gehouden met een waardevermindering door ex-schade. Verweerder baseerde zich op het Litouwse kentekenbewijs en RDW-registratie, waarin de CO2-uitstoot 289 gr/km bedraagt, en gebruikte een koerslijst zonder schadecorrectie.
De rechtbank oordeelde dat de CO2-uitstoot terecht was vastgesteld op 289 gr/km, conform het kentekenregister en de regelgeving (Richtlijn 2007/46/EG). Het beroep faalde ook op het punt van de waardevermindering, omdat eiseres onvoldoende bewijs leverde dat de ex-schade een blijvende waardedaling veroorzaakte. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard.