ECLI:NL:RBDHA:2023:11443

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 juli 2023
Publicatiedatum
2 augustus 2023
Zaaknummer
AWB 23/611
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 62a Vreemdelingenwet 2000
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen terugkeerbesluit na vrijwillige terugkeer

Eiseres, met Argentijnse nationaliteit, kreeg op 27 december 2022 een terugkeerbesluit opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, met de verplichting Nederland binnen 28 dagen te verlaten. Zij stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat het besluit onterecht was vanwege haar duurzame relatie en huwelijk met een Nederlandse partner.

De rechtbank stelde vast dat eiseres op de dag van het terugkeerbesluit daadwerkelijk zelfstandig terugkeerde naar Argentinië, binnen de gestelde vertrektermijn. Hierdoor was het terugkeerbesluit feitelijk uitgevoerd en uitgewerkt. Gezien deze feiten oordeelde de rechtbank dat eiseres geen belang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep.

Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter K.M. de Jager op 27 juli 2023 en openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie.

Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiseres vrijwillig binnen de termijn is teruggekeerd.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
Zaaknummers: AWB 23/611

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiseres

V-nummer: [nummer]
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

Procesverloop

Bij besluit van 27 december 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiseres een terugkeerbesluit opgelegd en bepaald dat zij binnen een termijn van 28 dagen de Europese Unie dient te verlaten.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Eiseres is geboren op [geboortedatum] en heeft de Argentijnse nationaliteit.
2. Bij het bestreden besluit heeft verweerder aan eiseres een terugkeerbesluit opgelegd op grond van artikel 62a, van de Vreemdelingenwet 2000.
3. Eiseres vindt dat aan haar ten onrechte een terugkeerbesluit is opgelegd. Eiseres stelt dat zij een duurzame relatie heeft met haar Nederlandse partner, [naam 2] Zij is op 11 januari 2023 met hem getrouwd.
De rechtbank oordeelt als volgt.
4. Vaststaat dat eiseres op 27 december 2022 vanuit Nederland naar Argentinië is teruggekeerd. Eiseres is, gelet daarop binnen de gestelde vertrektermijn, zelfstandig teruggekeerd naar haar land van herkomst en zij heeft daarmee voldaan aan de terugkeerverplichting van het terugkeerbesluit. Hiermee is het terugkeerbesluit feitelijk uitgewerkt. Onder deze omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat eiseres geen belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van haar beroep. Om die reden is haar beroep niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, op 27 juli 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan
binnenzes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.