Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 6], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar en haar kinderen hun aanvragen voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De rechtbank oordeelt dat verweerder de beslistermijn heeft overschreden, aangezien het besluit uiterlijk op 9 mei 2023 genomen had moeten zijn, maar dit niet is gebeurd. Na een rechtsgeldige ingebrekestelling op 6 juni 2023 en het tijdig indienen van het beroep op 26 juni 2023, wordt het beroep gegrond verklaard.
De rechtbank wijst erop dat de situatie rondom gezinshereniging bij asielvergunninghouders een bijzonder geval vormt, waardoor een langere beslistermijn dan de standaard twee weken passend is. Op basis van jurisprudentie wordt een termijn van vier weken als redelijk beschouwd. Verweerder wordt opgedragen binnen vier weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van €7.500, en veroordeelt verweerder tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van €418,50. Het griffierecht wordt aan eiseres kwijtgescholden vanwege haar inkomen.
Uitkomst: De rechtbank beveelt binnen vier weken alsnog een besluit te nemen en legt een dwangsom op bij overschrijding.