Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op haar en haar kinderen ingediende aanvragen voor een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis asiel.
De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is, omdat de beslistermijn van 90 dagen plus verlenging van drie maanden was verstreken zonder besluit. Verweerder is op 2 juni 2023 rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep is op 19 juni 2023 ingediend.
De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling definitief toe en bepaalt dat verweerder binnen vier weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €7.500 opgelegd bij overschrijding van deze termijn.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van €1.442 en de proceskosten van €418,50 aan eiseres. De rechtbank verwijst voor de motivering van de langere beslistermijn naar eerdere jurisprudentie over bijzondere gevallen bij nareis asiel.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen vier weken alsnog een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.