ECLI:NL:RBDHA:2023:11682
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV wegens niet herstel gebreken en opdracht tot nieuw besluit
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiseres bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV. De rechtbank heeft in een eerdere tussenuitspraak vastgesteld dat het bestreden besluit gebreken vertoonde, met name dat de arbeidsduur niet juist was gemotiveerd en dat de functie onjuist was geduid.
Verweerder kreeg de gelegenheid om binnen zes weken de gebreken te herstellen, maar heeft dit nagelaten. Eiseres diende aanvullend stukken in en stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een beslissing, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet mogelijk was.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de tussenuitspraak en deze einduitspraak.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten van eiseres, inclusief kosten van rechtsbijstand, deskundigenrapporten en reiskosten, en tot vergoeding van het griffierecht.
De uitspraak werd gedaan door rechter M.P. Verloop op 1 augustus 2023 en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.