ECLI:NL:RBDHA:2023:11770
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen inzake ongeldig verklaarde inschrijving aanbesteding Defensie
De zaak betreft een kort geding tussen Progress c.s. en de Staat over de geldigheid van een inschrijving bij een openbare Europese aanbesteding voor flexibele arbeidskrachten ten behoeve van Defensie 2023. Progress had een inschrijving ingediend waarbij een Eigen Verklaring van Transport People was ondertekend door een persoon wiens vertegenwoordigingsbevoegdheid door de Staat werd betwist.
De Staat legde de inschrijving van Progress terzijde wegens het ontbreken van rechtsgeldige ondertekening, ondanks dat Progress een algemene volmacht overlegde die niet voldeed aan de eisen. Een latere notariële volmacht met terugwerkende kracht bood geen remedie omdat vertegenwoordigingsbevoegdheid op het moment van inschrijving vereist is.
Verder erkende de Staat dat de beoordelingsvolgorde afweek van het Beschrijvend Document, doordat ook terzijde gelegde inschrijvingen op het gunningscriterium werden beoordeeld. Dit verschil leidde echter niet tot benadeling van inschrijvers en rechtvaardigde geen staken van de aanbestedingsprocedure.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de vorderingen van Progress, waaronder het intrekken van het gunningsvoornemen en het geldig verklaren van de inschrijving, ongegrond zijn. Ook de vorderingen van YoungCapital, Randstad en Start People werden afgewezen omdat zij geen belang meer hadden. Progress werd veroordeeld in de proceskosten van de Staat en de tussenkomende partijen.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van Progress af en bevestigt de ongeldigverklaring van haar inschrijving.