ECLI:NL:RBDHA:2023:11819
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzettingsbesluit staatssecretaris
Verzoeker, van Marokkaanse nationaliteit, heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen een uitzettingsbesluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 9 maart 2023. Tegelijkertijd verzocht hij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen die de uitzetting zou opschorten totdat op het beroep in de hoofdzaak was beslist.
De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht een voorlopige voorziening kan worden getroffen indien onverwijlde spoed dat vereist. Echter, aangezien het hoofdberoep met zaaknummer NL23.7192 bij uitspraak van dezelfde dag ongegrond is verklaard, is er geen grond om de voorlopige voorziening toe te kennen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af en ziet geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. A.W.C.M. van Emmerik en is onherroepelijk, daar tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het uitzettingsbesluit is afgewezen.