ECLI:NL:RBDHA:2023:12320
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar kinderopvangtoeslag wegens termijnoverschrijding
Eiseres maakte bezwaar tegen de definitieve berekening van de kinderopvangtoeslag over 2020, waarbij zij stelde dat zij eerder al bezwaar had ingediend dat niet was ontvangen door verweerder. De rechtbank stelde vast dat het bezwaarschrift niet tijdig was ingediend en dat eiseres dit niet aannemelijk had gemaakt met bewijsstukken. De termijn voor het indienen van bezwaar is een fatale termijn van openbare orde die ambtshalve moet worden beoordeeld.
Verweerder had het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en het verzoek om herziening afgewezen. Eiseres stelde zich op het standpunt dat de terugvordering onterecht was omdat de toeslagpartner onterecht was verwijderd, wat tot een te hoge toeslaguitkering leidde.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard en dat het beroep tegen het herzieningsbesluit ongegrond is. Wel bepaalde de rechtbank dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van €50 moet vergoeden en dat het beroep tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek als bezwaar moet worden behandeld door verweerder.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de definitieve berekening kinderopvangtoeslag is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en het beroep tegen het herzieningsbesluit is ongegrond.