ECLI:NL:RBDHA:2023:12396
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring beroep wegens vertrek vreemdeling met onbekende bestemming
De rechtbank Den Haag beoordeelde het beroep van eiser tegen het besluit van de staatssecretaris van 22 mei 2023, waarin de asielaanvraag van eiser niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening.
De rechtbank besloot geen zitting te houden en richtte zich op de ontvankelijkheid van het beroep. De staatssecretaris meldde dat eiser op 24 mei 2023 door het COA was geregistreerd als met onbekende bestemming vertrokken (MOB-melding). De gemachtigde van eiser reageerde niet op het verzoek van de rechtbank om hierop te reageren.
Op basis van vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde de rechtbank dat een vreemdeling die met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact onderhoudt met zijn gemachtigde, geen belang meer heeft bij de inhoudelijke behandeling van zijn beroep. Omdat de gemachtigde niet reageerde, werd aangenomen dat eiser geen prijs meer stelt op de bescherming in Nederland.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees zij een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter Bodt en griffier Steenbeek op 15 augustus 2023.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na vertrek met onbekende bestemming.