ECLI:NL:RBDHA:2023:12452
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring met zicht op uitzetting naar Marokko
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is sinds 15 mei 2023 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding.
De rechtbank heeft eerder vastgesteld dat de maatregel tot 24 mei 2023 rechtmatig was. Het geschil richt zich op de rechtmatigheid van de maatregel sinds die datum. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko binnen een redelijke termijn, terwijl verweerder al sinds 2017 pogingen doet tot uitzetting.
De rechtbank verwijst naar recente jurisprudentie en constateert dat er geen aanwijzingen zijn dat het zicht op uitzetting ontbreekt, mede vanwege een gewijzigde houding van de Marokkaanse autoriteiten en het feit dat eiser zijn vertrek bemoeilijkt door niet mee te werken aan het verkrijgen van een paspoort. Verweerder heeft meerdere malen contact gezocht met de Marokkaanse autoriteiten en vertrekgesprekken gevoerd.
De rechtbank oordeelt dat het voortduren van de maatregel rechtmatig is en dat de vertraging in het proces te wijten is aan het gebrek aan medewerking van eiser. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.