ECLI:NL:RBDHA:2023:12496
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergunning voor steiger in veiligheidsstrook vaarweg is rechtmatig
Eisers verzochten om een vergunning voor het maken van een steiger aan de Oude Rijn nabij hun woning. Het college van gedeputeerde staten wees deze aanvraag af omdat de steiger in de veiligheidsstrook van de vaarweg ligt, wat strijdig is met het provinciale Ligplaatsenbeleid. Eisers voerden aan dat de steiger buiten de veiligheidsstrook zou liggen, dat de vaarweg breder is dan het college stelt, en dat de steiger als terras wordt gebruikt, niet als ligplaats.
De rechtbank oordeelt dat het college terecht het Ligplaatsenbeleid toepast, dat ook geldt voor steigers ongeacht het gebruik. De digitale meting van het college toont aan dat de vaarweg ter plaatse ongeveer 38,5 meter breed is, waardoor de steiger binnen de veiligheidsstrook ligt. Eisers hebben onvoldoende bewijs geleverd om dit te betwisten. Het college hoefde de vaarweg niet door landmeters te laten meten.
Verder is er geen sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel omdat het college aannemelijk heeft gemaakt dat onder het huidige beleid geen nieuwe vergunningen zijn verleend. Ook het argument dat het bestemmingsplan een steiger toestaat, leidt niet tot een andere uitkomst omdat het provinciale beleid het belang van vaarveiligheid dient. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunningsweigering blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de vergunning voor de steiger wordt ongegrond verklaard en de vergunningsweigering blijft in stand.