ECLI:NL:RBDHA:2023:12630
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublin-verordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Luxemburg verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan op grond van het Dublin-verdrag.
De rechtbank heeft het beroep op 17 augustus 2023 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde zonder bericht niet verschenen. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelde dat Luxemburg in beginsel verantwoordelijk is omdat eiser eerder een asielaanvraag in Luxemburg heeft ingediend en sindsdien het EU-grondgebied niet heeft verlaten.
Eiser stelde dat het voornemen prematuur was en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet kon worden aangenomen vanwege verschillen in beschermingsbeleid voor Jemenieten tussen Nederland en Luxemburg. De rechtbank verwierp deze gronden, omdat het voornemen een voorbereidingshandeling is en eiser onvoldoende bewijs leverde van een fundamenteel verschil in beschermingsbeleid. Ook faalde het beroep op onevenredige hardheid wegens gebrek aan bijzondere omstandigheden.
De rechtbank besloot dat verweerder geen proceskosten hoeft te vergoeden en wees erop dat hoger beroep mogelijk is bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is ongegrond verklaard.