Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,-
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Bulgarije volgens het Dublin-verdrag verantwoordelijk is voor de behandeling.
Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek samen met een gerelateerde zaak op 18 juli 2023.
Gezien de uitspraak in de bodemzaak (zaaknummer NL23.18474) achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer nodig en wees het verzoek af. Wel werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de door verzoeker gemaakte proceskosten, vastgesteld op € 837,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter J.J. Catsburg en griffier M.A.W.M. Engels, en is uitgesproken in het openbaar op 28 juli 2023. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en staatssecretaris wordt veroordeeld in proceskosten.