ECLI:NL:RBDHA:2023:12676
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag eerste bewonersvergunning wegens parkeren op eigen terrein
Eiser heeft een eerste bewonersvergunning aangevraagd om zijn auto op de openbare weg te mogen parkeren, maar deze aanvraag is afgewezen omdat hij volgens het college van burgemeester en wethouders van Katwijk voldoende ruimte heeft om op eigen terrein te parkeren. Eiser betwist dit en voert aan dat de parkeerruimte door beplanting en een smalle toegangspoort niet voldoet aan de minimale afmetingen, waardoor hij schade aan zijn auto zou riskeren en onvoldoende ruimte heeft om met een fiets of vuilnisbak te passeren.
De rechtbank oordeelt dat het perceel van eiser breed genoeg is en dat de beplanting gesnoeid kan worden en de toegangspoort verbreed kan worden om parkeren mogelijk te maken. Ook is het feit dat er een in/uitrit is die overloopt in de openbare weg een aanwijzing dat het perceel bedoeld is om een voertuig te parkeren. Het parkeerbeleid van de gemeente Katwijk stelt dat het recht op een eerste bewonersvergunning vervalt als parkeren op eigen terrein mogelijk is.
De rechtbank vindt het niet onredelijk dat verweerder het parkeren op de openbare weg wil ontmoedigen door een prijsdifferentiatie tussen eerste en tweede bewonersvergunningen te hanteren. De bezwaren van eiser over de praktische parkeersituatie en de vermeende verkapte belasting worden niet gevolgd. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen eerste bewonersvergunning toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de eerste bewonersvergunning wordt ongegrond verklaard.