ECLI:NL:RBDHA:2023:12729

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
25 augustus 2023
Publicatiedatum
25 augustus 2023
Zaaknummer
NL23.14503
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 61 Vw 2000Art. 62a Vw 2000
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond verklaring beroep tegen terugkeerbesluit Nigeriaanse minderjarige

Eiser, een in Nederland geboren minderjarige van Nigeriaanse nationaliteit, kreeg een terugkeerbesluit opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat hij geen verblijfsrecht heeft en geen asielaanvraag is ingediend namens hem. De asielaanvragen van zijn ouders zijn eveneens afgewezen, waardoor ook zij geen rechtmatig verblijf meer hebben.

De rechtbank heeft het beroep van eiser op 7 juli 2023 behandeld en concludeert dat het terugkeerbesluit terecht is opgelegd op grond van artikel 61 in Pro samenhang met artikel 62a van de Vreemdelingenwet 2000. Omdat eiser geen verblijfsrecht heeft en geen aanvraag openstaat, moet hij terugkeren naar Nigeria binnen een termijn van vier weken.

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na bekendmaking.

Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.14503

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam] , eiser

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,

(gemachtigde: mr. H.R. Nobel).

Procesverloop

Bij besluit van 20 april 2023 (het bestreden besluit) heeft de staatssecretaris aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep op 7 juli 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de ouders van eiser, de gemachtigde van eiser, een tolk en de gemachtigde van de staatssecretaris.

Overwegingen

1. Eiser is van Nigeriaanse nationaliteit en is – tijdens de asielprocedure van zijn ouders – op 8 februari 2023 in Nederland geboren.
2. De staatssecretaris heeft aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd, omdat eiser geen verblijfsrecht in Nederland heeft, hij ook geen aanvraag voor een verblijfsvergunning heeft lopen en de asielaanvragen van zijn ouders bij afzonderlijke besluiten van eveneens 20 april 2023 zijn afgewezen. Omdat eiser niet (langer) rechtmatig in Nederland verblijft, moet hij terugkeren naar Nigeria. Eiser is een termijn van vier weken gegeven om Nederland, het grondgebied van de EU, EER en Zwitserland te verlaten.
3. Uit artikel 61 in Pro samenhang bezien met artikel 62a van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) volgt dat indien een vreemdeling geen rechtmatig verblijf heeft aan hem een terugkeerbesluit dient te worden opgelegd.
4. Niet in geschil is dat voor eiser geen asielaanvraag is ingediend en dat eiser ten tijde van het bestreden besluit geen rechtmatig verblijf in Nederland had. Nu de asielaanvragen van zijn ouders bij afzonderlijke besluiten van 20 april 2023 zijn afgewezen, en zij net als eiser geen rechtmatig verblijf (meer) in Nederland hebben, heeft de staatssecretaris terecht een terugkeerbesluit aan eiser opgelegd.
5. Het beroep is ongegrond.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Nieuwenhuis, rechter, in aanwezigheid van
A.P. Kuiters, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.