Verzoeker, van Syrische nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De staatssecretaris heeft vervolgens op 22 juli 2022 het asielbesluit genomen, waarmee hij geheel aan het beroep tegemoet is gekomen. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om proceskostenvergoeding.
De rechtbank heeft de staatssecretaris in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek, maar deze heeft niet gereageerd. Op grond van de toepasselijke bestuursrechtelijke regelgeving kan de rechtbank bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming het bestuursorgaan veroordelen tot betaling van proceskosten.
De rechtbank heeft het verzoek als kennelijk gegrond beoordeeld en de proceskostenvergoeding vastgesteld op €418,50, gebaseerd op een vast bedrag per proceshandeling en een factor 0,5 vanwege het lichte gewicht van de zaak. De staatssecretaris is veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.