ECLI:NL:RBDHA:2023:12791
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag BPM en waardevermindering door schade en schadeverleden
Eiser heeft BPM betaald voor een Mercedes Benz C-klasse 63 AMG en betwist de naheffingsaanslag die de Belastingdienst heeft opgelegd. De discussie betreft de waardebepaling van de auto, waarbij eiser een hogere schadevergoeding en een waardevermindering door schadeverleden stelt.
De rechtbank overweegt dat de bewijslast voor de omvang van de schade en de waardevermindering door schadeverleden bij eiser ligt. Het taxatierapport waarop eiser zich beroept, is onvoldoende om de door DRZ vastgestelde schade te weerleggen. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat de schade meer bedraagt dan 72% van het door DRZ vastgestelde bedrag.
Ook het standpunt dat het schadeverleden een blijvende waardevermindering van € 4.000 rechtvaardigt, is onvoldoende onderbouwd. De rechtbank acht het beroep ongegrond en wijst het af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van de door eiser gestelde hogere schade en waardevermindering.