ECLI:NL:RBDHA:2023:12792
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van naheffingsaanslag BPM en waardevermindering door schadeverleden
Eiseres heeft op 2 maart 2020 BPM betaald voor een Mercedes Benz GLE Coupé AMG 63 S 4MATIC, waarbij de waardering van de auto en de schadevergoeding ter discussie staan. Verweerder legde een naheffingsaanslag op, gebaseerd op een rapport van Domeinen Roerende Zaken (DRZ) dat een lagere schadevergoeding en hogere handelswaarde vaststelde dan het taxatierapport van eiseres.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de schade aan de auto op het moment van aangifte nog aanwezig was, mede omdat de schade grotendeels was hersteld vóór de DRZ-inspectie. Foto’s en verklaringen van eiseres boden onvoldoende bewijs voor de gestelde schade aan specifieke onderdelen.
Daarnaast is niet gebleken dat het schadeverleden van de auto een blijvende waardevermindering van € 4.000 rechtvaardigt. De rechtbank stelt dat het schadeverleden onder omstandigheden tot waardevermindering kan leiden, maar eiseres heeft dit niet overtuigend onderbouwd.
Tenslotte zijn er geen bezwaren tegen de belastingrente. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van de gestelde schade en waardevermindering.