Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiseres] , eiseres, V-nummer: [V-nummer] ,
[minderjarige] ,V-nummer: [V-nummer] , hierna gezamenlijk te noemen: eiseres,
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw gehuwd met een Soedanese referent met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, vroeg een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd aan op grond van artikel 8 EVRM Pro voor verblijf bij haar partner en hun minderjarige zoon in Nederland. De aanvraag werd afgewezen omdat zij niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en een inreisverbod van twee jaar werd opgelegd vanwege het niet naleven van een eerdere terugkeerverplichting.
Eiseres maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard. Vervolgens stelde zij beroep in bij de rechtbank, stellende dat het vasthouden aan het mvv-vereiste onterecht was en dat de belangenafweging ten onrechte negatief voor haar uitviel. Zij wees op de impact van haar vertrek op haar gezin en haar angst voor terugkeer naar Nigeria.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het mvv-vereiste handhaafde en dat er geen bijzondere persoonlijke omstandigheden waren die vrijstelling rechtvaardigden. Tevens werd het opgelegde inreisverbod als terecht beoordeeld vanwege het niet naleven van het terugkeerbesluit. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning en het opgelegde inreisverbod wordt ongegrond verklaard.