ECLI:NL:RBDHA:2023:12910
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen voortduren maatregel van bewaring wegens ontbreken rechtmatig verblijf in België
Eiser, met Marokkaanse nationaliteit, is op 25 juni 2023 een maatregel van bewaring opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel tot 4 juli 2023 beoordeeld en nu is alleen de periode daarna aan de orde.
Eiser voerde aan dat hij rechtmatig verblijf in België heeft omdat hij een aanvraag voor een verblijfsvergunning heeft ingediend en een afspraak heeft voor het afhalen van een immatriculatie-attest. De rechtbank oordeelt echter dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij procedureel rechtmatig verblijf heeft, aangezien de aanvraag pas op 9 augustus 2023 is ingediend terwijl hij toen al in bewaring was in Nederland. De Belgische autoriteiten bevestigen dat een aanvraag vanuit Nederland onrechtmatig is.
Verder is eiser niet in het bezit van een immatriculatie-attest dat rechtmatig verblijf bevestigt. Zelfs als hij procedureel rechtmatig verblijf zou hebben, staat dat niet in de weg aan uitzetting omdat hij bewust in Nederland verbleef ondanks het terugkeerbesluit. De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring rechtmatig voortduurt en wijst het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.