Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , verzoeker V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,00.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft een verblijfsvergunning asiel aangevraagd, maar de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft dit verzoek niet in behandeling genomen omdat Roemenië verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld en is tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de bodemzaak behandeld.
Omdat de bodemzaak inmiddels is beslist, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer nodig en wijst het verzoek af. Wel veroordeelt de voorzieningenrechter de Staatssecretaris in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 837,00, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter P.J.M. Mol en griffier S.J. Valk, en is in het openbaar bekendgemaakt op 15 augustus 2023. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en Staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 837,00 proceskosten.