ECLI:NL:RBDHA:2023:12965
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding toegekend wegens te late omzetting vrijheidsontnemende maatregel
Eiseres, met de Congolese nationaliteit, kreeg op 2 april 2023 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Zij stelde op 1 augustus 2023 beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. Verweerder hief de maatregel op op 16 juni 2023, maar dit gebeurde te laat volgens de jurisprudentie die vereist dat omzetting binnen 48 uur na de uitspraak van 12 juni 2023 moet plaatsvinden.
De rechtbank interpreteerde de kennisgeving van voortduring als een ingebracht beroep dat eiseres vervolgens introk omdat zij zelf al beroep had ingesteld. De rechtbank stelde vast dat de maatregel vanaf 14 juni 2023 onrechtmatig was omdat deze niet tijdig was omgezet naar een andere grondslag. Hierdoor werd de voortzetting van de maatregel onrechtmatig verklaard.
De rechtbank kende aan eiseres een schadevergoeding toe van €200 voor twee dagen onrechtmatige vrijheidsontneming en veroordeelde de Staat tot betaling van deze vergoeding. Tevens werden de proceskosten van €837 toegewezen aan de rechtsbijstandverlener van eiseres. Er is geen hoger beroep mogelijk tegen deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en kent een schadevergoeding van €200 toe wegens te late omzetting van de vrijheidsontnemende maatregel.