ECLI:NL:RBDHA:2023:1303
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vertrek vreemdeling met onbekende bestemming
De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft ambtshalve onderzocht of de vreemdeling nog procesbelang heeft, mede omdat hij volgens de vreemdelingenpolitie en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers met onbekende bestemming is vertrokken en niet op afspraken met zijn gemachtigde is verschenen.
De gemachtigde gaf aan dat ondanks het ontbreken van contact de vreemdeling belang zou hebben bij beoordeling van het beroep vanwege een zogenoemde mob-status, maar de rechtbank volgde vaste jurisprudentie dat bij vertrek met onbekende bestemming zonder contact geen rechtens te beschermen belang meer bestaat.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en vond geen inhoudelijke beoordeling van het bestreden besluit plaats.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang omdat hij met onbekende bestemming is vertrokken en geen contact onderhoudt met zijn gemachtigde.