Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam verzoeker], verzoeker,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker, een derdelander met tijdelijke bescherming op grond van de EU-richtlijn, kreeg te horen dat zijn status per 4 september 2023 zou eindigen. Hij stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om de gevolgen van het verlies van rechten zoals opvang en werk te voorkomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat onverwijlde spoed aanwezig was omdat het beroep niet kon worden behandeld voor het einde van de bescherming. Het belang van verzoeker om de opvang en werkrechten te behouden woog zwaarder dan het belang van de staatssecretaris om het besluit per 4 september te laten ingaan.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen als ordemaatregel, waardoor het besluit werd geschorst totdat op het beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van proceskosten van €837.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.F. Bethlehem en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tijdelijke bescherming wordt geschorst tot uitspraak in de hoofdzaak.