Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], verzoekster,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, een derdelander uit Oekraïne, ontving tijdelijke bescherming op grond van de Richtlijn tijdelijke beschermingen. Op 24 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid besloten dit recht te beëindigen per 4 september 2023. Verzoekster stelde hiertegen beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat onverwijlde spoed aanwezig is omdat het beroep niet kan worden afgehandeld vóór het einde van de tijdelijke bescherming. Het belang van verzoekster om haar toegang tot gemeentelijke opvang en werkgelegenheid te behouden weegt zwaarder dan het belang van de staatssecretaris om de voorzieningen per 4 september te beëindigen.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk gegrond toegewezen en het bestreden besluit geschorst totdat op het beroep is beslist. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoekster ter hoogte van €837.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter E.F. Bethlehem en is niet vatbaar voor hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de tijdelijke bescherming wordt geschorst totdat op het beroep is beslist.