ECLI:NL:RBDHA:2023:13652
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit op aanvraag machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor zijn echtgenote en minderjarige kinderen. Verweerder, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, heeft de beslistermijn verlengd maar heeft uiteindelijk niet binnen de termijn besloten.
De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van 90 dagen, verlengd met drie maanden, is verstreken zonder besluit. Eiser heeft verweerder rechtsgeldig in gebreke gesteld en het beroep tijdig ingediend. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig genomen besluit.
Vanwege de bijzondere aard van de aanvraag (gezinshereniging bij asielvergunninghouder) legt de rechtbank een langere termijn van twintig weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen. Daarnaast worden bestuurlijke dwangsommen vastgesteld en een rechterlijke dwangsom opgelegd voor elke dag overschrijding met een maximum. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen twintig weken alsnog een besluit te nemen, met oplegging van bestuurlijke en rechterlijke dwangsommen.