ECLI:NL:RBDHA:2023:1380
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking beroep wegens niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker stelde beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 7 november 2021. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris het besluit alsnog genomen en de asielaanvraag ingewilligd op 21 oktober 2022. Hierdoor heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank heeft de staatssecretaris in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om proceskostenvergoeding, maar hiervan is geen gebruik gemaakt. Op grond van artikel 8:54, eerste lid, Awb, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting.
De rechtbank overweegt dat bij intrekking van een beroep wegens volledige tegemoetkoming het bestuursorgaan kan worden veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank stelt de proceskosten vast op €418,50, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht met een wegingsfactor 'licht', aangezien het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig nemen van een besluit.
De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan verzoeker.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 aan proceskosten aan verzoeker.