ECLI:NL:RBDHA:2023:13817
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in uitstel van vertrek vreemdeling
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoekster haar aanvraag om uitstel van vertrek buiten behandeling gesteld op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit, dat kennelijk ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde verzoekster beroep in bij de rechtbank en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting, op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Daarbij is meegewogen dat de rechtbank in een eerdere uitspraak van 18 augustus 2023 het beroep in de bodemzaak ongegrond heeft verklaard.
Gezien deze eerdere uitspraak en de inhoud van het verzoek, concludeert de voorzieningenrechter dat het verzoek om voorlopige voorziening niet kan worden toegewezen. Er is ook geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is definitief en staat geen hoger beroep of verzet tegen open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling stellen van de aanvraag om uitstel van vertrek wordt afgewezen.