ECLI:NL:RBDHA:2023:13843
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen niet tijdig besluit mvv-aanvraag nareis met oplegging dwangsom
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. Verweerder had op grond van de Vreemdelingenwet 2000 binnen 90 dagen moeten beslissen, met een verlenging van drie maanden, waardoor uiterlijk 9 mei 2023 een besluit had moeten worden genomen. Deze termijn is verstreken zonder besluit.
Eiser stelde verweerder op 1 juni 2023 rechtsgeldig in gebreke en diende op 23 juni 2023 het beroep in. De rechtbank oordeelt dat het beroep tijdig en kennelijk gegrond is. Gelet op de bijzondere omstandigheden rondom gezinshereniging bij houders van asielvergunningen, wordt een langere beslistermijn dan de standaard twee weken passend geacht.
De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder alsnog een besluit moet nemen en bepaalt een dwangsom van € 100 per dag met een maximum van € 7.500 bij overschrijding. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van reeds verbeurde bestuurlijke dwangsommen van € 1.442 en de proceskosten van € 418,50 aan eiser.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op binnen acht weken alsnog te beslissen onder oplegging van een dwangsom.